Leiderschap ontwikkelt zich in het werk.

Het wordt zichtbaar wanneer het echt lastig wordt:

wanneer belangen botsen, verwachtingen uiteenlopen en iemand richting moet kiezen — én daarnaar moet handelen.

Harry Stoffelen - Leiderschapsontwikkeling

Ik ontwerp en verzorg ontwikkelprogramma’s voor mensen in sleutelrollen: leidinggevenden, professionals zonder formele macht en management trainees.

Maatwerkprogramma’s die gebouwd zijn rond het werk, zodat nieuw handelen daar ook standhoudt.

Voorbeeld uit de praktijk
Binnen een internationale logistieke organisatie begeleid ik jaarlijks meerdere groepen — van teamleiders tot professionals zonder formele macht.
Een traject van 2–3 maanden, gebouwd rond situaties die in het werk echt tellen.

Meer voorbeelden deel ik graag in een gesprek, afgestemd op jullie situatie.

Waarom organisaties leiderschap versterken

Organisaties versterken leiderschap wanneer de opgave complexer wordt:
groei, verandering, samenwerking die onder druk moet blijven werken.

Dan komt er meer te liggen op sleutelrollen.

Niet alleen in verantwoordelijkheid, maar ook in wat er in het dagelijks werk van hen gevraagd wordt.

Bijvoorbeeld wanneer:

  • leidinggevenden hun rol verbreden, van sturen naar het ontwikkelen van mensen

  • professionals zonder formele macht meer invloed moeten uitoefenen in complexe stakeholdervelden

  • samenwerking intensiever wordt over teams en disciplines heen

  • belangen, verwachtingen en prioriteiten tegelijk trekken

Dan gaat het niet alleen om ontwikkeling op zich, maar om de vraag of nieuw handelen ook blijft werken,

júist wanneer het schuurt, botst of onder druk komt te staan.

Dáár ontwerp ik mijn programma’s op.

Waar leiderschap standhoudt als het spannend wordt

In mijn programma’s ontwikkelen mensen het handelen dat in deze situaties wordt gevraagd — in hun rol, gesprekken en samenwerking met anderen. 

En ze leren dit vasthouden wanneer de druk oploopt.

Daarbij staat steeds centraal:

  • het reguleren van eigen spanning en emoties ín het moment, zodat die het gedrag niet overnemen

  • het bepalen van richting en prioriteiten wanneer niet alles kan,
    en daaraan vasthouden als de druk toeneemt

  • het innemen en behouden van positie binnen de rol, op een manier die past bij de persoon én de context - ook als belangen schuren

  • effectief handelen — ook bij weerstand, tegengestelde belangen en onderhandeling

We bouwen vakmanschap en richting op in concrete situaties uit het eigen werk.

Zodat mensen het kunnen dóén wanneer het erop aankomt — en het ook blijft staan zodra het werk terugduwt.

Niet als losse onderdelen,
maar als samenhangende programma’s,
ontworpen vanuit de weerbarstige praktijk van het werk.

Ik ontwerp deze programma’s en begeleid ze zelf in de praktijk.

Voor wie dit speelt

Dit speelt vooral in rollen waar richting, invloed en samenwerking zwaarder worden zodra het werk complexer wordt.

Bijvoorbeeld bij:

Leidinggevenden

die richting geven in verandering, prestaties moeten blijven realiseren en tegelijkertijd mensen willen ontwikkelen.

Professionals zonder formele macht

die invloed uitoefenen in complexe stakeholdervelden en belangen moeten verbinden zonder mandaat.

Management trainees

die initiatief nemen in een krachtenveld dat zij nog leren kennen, en positie moeten kiezen zonder te forceren of te voorzichtig te blijven.

Daar wordt ook zichtbaar waar de omgeving ruimte geeft, en waar het terugduwt.

Waarom de omgeving altijd meespeelt

Zodra mensen ander gedrag laten zien, krijgen zij vrijwel altijd te maken met tegendruk.

Heel concreet:

  • collega’s of klanten die terugvallen op wat vertrouwd is

  • systemen die oud gedrag in stand houden

  • verwachtingen die niet zijn mee gegroeid met de beoogde koers

Daarom neem ik altijd de omgeving waarin mensen moeten handelen mee in het ontwerp.

Lees hoe ik dit ontwerp


Niet als organisatieadviseur, maar omdat elk programma vastloopt wanneer nieuw handelen geen ruimte krijgt om stand te houden.

En dat is zelden uitsluitend een HR- of L&D-vraagstuk.

Afstemmen

In 30 minuten maken we scherp of dit een ontwerp-vraagstuk is, en of dit nu het juiste moment is.

Afstemmen is zinvol als je:

  • aan de voorkant staat van een traject en het meteen goed wilt ontwerpen

  • merkt dat nieuw gedrag onder druk snel weer verdwijnt

  • ziet dat het vraagstuk niet in één vaardigheid zit, maar in keuzes, rol en context tegelijk

  • voelt: dit vraagt meer dan “nog een training”